traditioneel

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Jump to search

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • tra·di·ti·o·neel
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘berustend op overlevering’ voor het eerst aangetroffen in 1824 [1]
  • afkomstig uit Frans traditionnel
  • samengesteld met traditie met het achtervoegsel -io en met het achtervoegsel -eel
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen traditioneel traditioneler traditioneelst
verbogen traditionele traditionelere traditioneelste
partitief traditioneels traditionelers -

Bijvoeglijk naamwoord

traditioneel

  1. zoals de gewoonte dat meebrengt, van oudsher gewoon
    • Zij onthulde mij het traditionele recept, zoals het al eeuwenlang bestaat. 
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Verwijzingen