torretje

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • tor·re·tje

Zelfstandig naamwoord

torretje o

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord tor

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
79 % van de Vlamingen.