Naar inhoud springen

toestel

Uit WikiWoordenboek
  • toe·stel
enkelvoud meervoud
naamwoord toestel toestellen
verkleinwoord toestelletje toestelletjes

het toestel o

  1. (techniek) een werktuig dat uit meer dan één onderdeel bestaat
    ▸ Op een ander toestel zit een rij scherpe punten.[1]
  2. (luchtvaart) vliegtuig, vliegmachine
    ▸ Een Stirling, een toestel dat toen vaak voor droppings werd gebruikt.[2]
    ▸ Een Stirling, een toestel dat toen vaak voor droppings werd gebruikt.[2]
  3. (telecommunicatie) (techniek) telefoon
    ▸ 'Roep haar maar ' 'Ik ben een leeuw,' brulde Teresa, terwijl ze haar vinger boven de knop van het toestel hield en haar vrije hand als een klauw in de lucht stak.[3]
    ▸ ' 'Op Sicilië? Hoezo?' 'Een vriendin in crisis bijstaan,' zeg ik met mijn hand om het toestel zodat Lot me niet kan horen.[4]
99 %van de Nederlanders;
100 %van de Vlamingen.[5]
  1. ↑
    Jessie Burton vert. Mieke Trouw-Luyckx
    “Het huis aan de gouden bocht” (2014), Luitingh-Sijthoff op Wikipedia, ISBN 9789021809526
  2. 1 2
    Teuntje de Haan
    “Een muur van water” (2018), Em. Querido's Uitgeverij op Wikipedia, ISBN 9789021409375
  3. ↑
    Jessie Burton vert. Marja Borg
    “De muze” (2017), Luitingh-Sijthoff op Wikipedia, ISBN 9789024574704
  4. ↑
    Marion Pauw e.a.
    “4 wandelaars en een Siciliaan” (2022), The House of Books, ISBN 9789044363340
  5. ↑ Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be