toenemend

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • toe·ne·mend
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

vervoeging van: toenemen
verbogen vorm: toenemende

toenemend

  1. onvoltooid deelwoord van toenemen
  2. bijwoordelijk gebruikt
    • Het onderwerp staat toenemend in de belangstelling. 
  3. attributief gebruikt
    • Het dagelijks in omvang toenemend geweld maakte alle inwoners benauwd. 
stellend
onverbogen toenemend
verbogen toenemende
partitief toenemends

Bijvoeglijk naamwoord

toenemend

  1. in omvang of getal groter wordend
    • De toenemende welvaart gaat gepaard met een toenemende vraag naar energie. 
    • De stad is toneel van toenemend geweld. 
     In onze tijd bestaat er een toenemende belangstelling, zowel voor de folklore als voor de achtergrond en de inhoud van de feesten. Temeer als die beleefd kunnen worden door het hele gezin en de hele groep, jong of oud.[1]

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.[2]

Verwijzingen

  1. Marijke van Raephorst op Wikipedia “Het hele jaar rond: van Sinterklaas tot Sintemaarten” (1973), Lemniscaat op Wikipedia, p. 7
  2. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be