toegift
Uiterlijk
- toe·gift
- samenstelling van toe (bijwoord), dat duidt op bijvoeging, en gift (zelfstandig naamwoord): geschenk
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | toegift | toegiften |
| verkleinwoord | toegiftje | toegiftjes |
de toegift v
- extra stuk muziek , dans enz. als dank voor het applaus als de voorstelling al is afgelopen
- Eerst na twee toegiften stonden de hoorders den kunstenaars toe, het podium te verlaten.
- iets dat als overmaat, als extra gave geschonken wordt
- [1]: bisnummer
- [1]: encore
- [2]: cadeautje
- [2]: bijvoegsel
- [2]: toegiftartikel
- [1-2]: toegeven
1. extra stuk muziek , dans enz. als dank voor het applaus als de voorstelling al is afgelopen
- Het woord toegift staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "toegift" herkend door:
| 99 % | van de Nederlanders; |
| 98 % | van de Vlamingen.[1] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be