toebereiding
Uiterlijk
- toe·be·rei·ding
- Naamwoord van handeling van toebereiden met het achtervoegsel -ing
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | toebereiding | toebereidingen |
| verkleinwoord |
de toebereiding v
- het klaarmaken, m.n. van voedsel
- Even eerder staat er ook: „Het artikel is niet geschikt voor toebereiding van levensmiddelen.” [1]
1.
- Het woord toebereiding staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "toebereiding" herkend door:
| 89 % | van de Nederlanders; |
| 88 % | van de Vlamingen.[2] |
- ↑ NRC Wouter Klootwijk 7 april 2014 Onreglementaire pannenkoeken
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be