timeo

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Latijn

Werkwoord

vervoeging van
tĭmēre

tĭmĕō

  1. actief indicatief praesens, eerste persoon enkelvoud van tĭmēre
    «Timeo Danaos et dona ferentes[1]»


Verwijzingen

  1. Vergilius, Aeneis II 49.