tikje

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Jump to search

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • tik·je

Zelfstandig naamwoord

tikje o

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord tik

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.