theelepel

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

theelepeltjes
Uitspraak
Woordafbreking
  • thee·le·pel
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord theelepel theelepels
verkleinwoord theelepeltje theelepeltjes

Zelfstandig naamwoord

theelepel m

  1. (huishouden) een kleine lepel om thee mee te roeren
    • Hij kreeg een theelepeltje bij de thee. 
  2. de hoeveelheid die in een theelepel past (met een volume van 5 ml)
    • neem twee theelepels zout 
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie