tevoorschijn

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • te·voor·schijn
Woordherkomst en -opbouw
  • In de betekenis van ‘zichtbaar’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1350 [1]

Bijwoord

tevoorschijn

  1. in het zicht, zichtbaar
    • Hij haalde het rapport tevoorschijn. 
    • Geïnspireerd door een Boudewijn Büch-veiling haalde Arjan Peters diens kinder roman [sic!] weer tevoorschijn, en zag in de depressieve pinguïn een zelfportret. [2] 
     Overal kwamen er kleine cactusbloemen tevoorschijn: prachtige felle kleuren, van knalroze tot limoengroen, oranje en citroengeel.[3]
Opmerkingen

Het woord functioneert als een voorzetselbijwoord in samenstellingen:

tevoorschijn komen
tevoorschijn halen

Het wordt echter niet aaneengeschreven met het werkwoord.

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders;
97 % van de Vlamingen.[4]

Verwijzingen