tette
Uiterlijk
- Geattesteerd sinds ca. 1200 als Oudfrans tete "vrouwenborst". Misschien van een West-Germaanse wortel *titta "vrouwenborst", vergelijk Duits Zitze, Engels teat en [1] Nederlands tiet
| enkelvoud | meervoud | ||
|---|---|---|---|
| zonder lidwoord | met lidwoord | zonder lidwoord | met lidwoord |
| tette | la tette | tettes | les tettes |
tette v
- ↑ tette (Etymologie) in: Le Trésor de la Langue Française informatisé (1971-1994)
op de website cnrtl.fr
.
- tet·te
- bepaalde vorm enkelvoud van de stellende trap van tett
tette, mv
- onbepaalde en bepaalde vorm meervoud van de stellende trap van tett
- tet·te
- bepaalde vorm enkelvoud van de stellende trap van tett
tette, mv
- onbepaalde en bepaalde vorm meervoud van de stellende trap van tett
Categorieën:
- Woorden in het Frans
- Woorden in het Frans van lengte 5
- Woorden in het Frans met audioweergave
- Woorden in het Frans met IPA-weergave
- Zelfstandig naamwoord in het Frans
- Verouderd in het Frans
- Zoötomie in het Frans
- Woorden in het Noors
- Woorden in het Noors van lengte 5
- Bijvoeglijknaamwoordsvorm in het Noors
- Woorden in het Nynorsk
- Woorden in het Nynorsk van lengte 5
- Bijvoeglijknaamwoordsvorm in het Nynorsk