tempen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • tem·pen
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

tempen

stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
tempen
tempte
getempt
zwak -t volledig
  1. (medisch) de temperatuur van een patiënt opnemen
     'Tempen', zoals het opnemen van de temperatuur heet in verpleegjargon, gebeurt met een klein apparaatje in je oor datpiept als het zijn werk heeft gedaan.[1]
Synoniemen

Gangbaarheid

56 % van de Nederlanders;
42 % van de Vlamingen.[2]

Verwijzingen

  1. Bronlink Weblink bron Jet Bruinsma “Klant in het ziekenhuis” (11 januari 2006), de Volkskrant
  2. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be