telgang

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Reeks foto's van een paard in telgang.

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • tel·gang
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord telgang telgangen
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

telgang m

  1. (dierkunde) manier van draven waarbij de beide linkerpoten en de beide rechterpoten om de beurt tegelijk verzet worden

Gangbaarheid

81 % van de Nederlanders;
67 % van de Vlamingen.[3]

Meer informatie

Verwijzingen