telelens

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • te·le·lens
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord telelens telelenzen
verkleinwoord telelensje telelensjes

Zelfstandig naamwoord

telelens v / m

  1. (fotografie) lenzenstelsel met behulp waarvan men een vergroot beeld kan krijgen van ver verwijderde voorwerpen
Synoniemen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
96 % van de Vlamingen.

Meer informatie