teek

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Een hondenteek
Foto:Gary Alpert

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • teek
Woordherkomst en -opbouw
  • In de betekenis van ‘insect’ voor het eerst aangetroffen in 1518 [1] [2] [3]
enkelvoud meervoud
naamwoord teek teken
verkleinwoord teekje teekjes

Zelfstandig naamwoord

teek v/m [4]

  1. (dierkunde) een achtpotig parasiet verwant aan mijten en spinnen
Verwante begrippen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen