tatte

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • tat·te
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord tatte tattes
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

tatte m

  1. (Jiddisch-Hebreeuws) vader
Verwante begrippen

Gangbaarheid

Verwijzingen


Noors

Woordafbreking
  • tat·te
Naar frequentie > 50000

Bijvoeglijk naamwoord

tatte, m / v / o

  1. bepaalde vorm enkelvoud van de stellende trap van ta

tatte, mv

  1. onbepaalde en bepaalde vorm meervoud van de stellende trap van ta


Nynorsk

Woordafbreking
  • tat·te

Bijvoeglijk naamwoord

tatte, m /v / o

  1. bepaalde vorm enkelvoud van de stellende trap van ta

tatte, mv

  1. onbepaalde en bepaalde vorm meervoud van de stellende trap van ta
Schrijfwijzen