Naar inhoud springen

tandrad

Uit WikiWoordenboek
1. Tandraderen
  • tand·rad
enkelvoud meervoud
naamwoord tandrad tandraderen
verkleinwoord tandradje
tandraadje
tandradertje
tandradertjes
tandradjes

hettandrado

  1. (werktuigbouwkunde) rond voorwerp met as regelmatig voorzien van gelijke uitsteeksels aan de rand, dat in een mechaniek gebruikt wordt voor de overdracht van krachten naar een ander deel ervan
    • De tandraderen werden zorgvuldig gesmeerd. 
  2. (medisch) symptoom van parkinson, waarbij schouder- of ellebooggewricht(en) trapsgewijs bewegen
     Ik ging naar een manueeltherapeut, een fysiotherapeut en naar de huisarts. Die dachten allemaal dat het een ‘frozen shoulder’ was, alleen had ik ook een ‘tandrad’ in mijn onderarm/elleboog. Dan beweegt mijn arm in schokjes.[1]
79 %van de Nederlanders;
79 %van de Vlamingen.[2]
  1. Bronlink geraadpleegd op 11 juni 2026 Weblink bron Gearchiveerde versie
    interview door Astrid Smits
    “Interview met Annelien Oosterbaan” (5 december 2023) op parkinson-vereniging.nl
  2. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be