tandheelkundig
Uiterlijk
- Geluid: tandheelkundig (hulp, bestand)
- IPA: / ˌtɑnthelˈkʏndəx / (4 lettergrepen)
- tand·heel·kun·dig
- afleiding van tandheelkunde met het achtervoegsel -ig
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | tandheelkundig | tandheelkundiger | tandheelkundigst |
| verbogen | tandheelkundige | tandheelkundigere | tandheelkundigste |
| partitief | tandheelkundigs | tandheelkundigers | - |
tandheelkundig
- volgens de leer van de behandeling van de ziekten van het gebit
- Voor de hartoperatie moest hij eerst een tandheelkundige ingreep ondergaan.
- Het woord tandheelkundig staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.