tandenborstel

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Tandenborstel met tandpasta
Uitspraak
Woordafbreking
  • tan·den·bor·stel
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord tandenborstel tandenborstels
verkleinwoord tandenborsteltje tandenborsteltjes

Zelfstandig naamwoord

tandenborstel m

  1. speciaal borsteltje om de tanden te poetsen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.[1]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be