Naar inhoud springen

tâtonner

Uit WikiWoordenboek
stamtijd
infinitief verleden
tijd
voltooid
deelwoord
tâtonner
tâtonnais
tâtonné
eerste groep volledig

tâtonner

  1. aftasten; aanrakend onderzoeken; meermaals richting iets tasten om iets te vinden of om zich te oriënteren
  2. (figuurlijk) aarzelen; de juiste woorden vinden, de juiste actie zoeken, ...
  3. (figuurlijk) meerdere pogingen doen om de oplossing te vinden (alsof men tast in het duister)