synthese

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • syn·the·se
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘samenstelling’ voor het eerst aangetroffen in 1875 [1]
  • afgeleid van these met het voorvoegsel syn- [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord synthese synthesen
syntheses
verkleinwoord synthesetje synthesetjes

Zelfstandig naamwoord

synthese v

  1. (medisch) een samenvoeging van ongelijksoortige zaken, zodat er iets nieuws uit ontstaat
  2. samenvatting
Antoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen