susceptibiliteit
Uiterlijk
- sus·cep·ti·bi·li·teit
- afgeleid van susceptibel met het achtervoegsel -iteit[1]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | susceptibiliteit | susceptibiliteiten |
| verkleinwoord | - | - |
de susceptibiliteit v
- vatbaarheid, ontvankelijkheid
- (natuurkunde) de magnetsiche susceptibiliteit is de verhouding tussen de in een lichaam opgewekte tijdelijke magnetisatie en de magnetische veldsterkte in het lichaam
- Het woord susceptibiliteit staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- Zie Wikipedia voor meer informatie.