supérieur

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Frans

Uitspraak
Woordherkomst en -opbouw
  enkelvoud meervoud
  mannelijk   supérieur supérieurs
  vrouwelijk   supérieure supérieures

Bijvoeglijk naamwoord

supérieur m enk

  1. hoger gelegen
  2.  superieur bn ,  hogergeplaatst bn 
  3. (wiskunde) groter of gelijk (wijkt af van gewone spraakgebruik en gebruik in de informatica)
Antoniemen
enkelvoud meervoud
zonder lidwoord met lidwoord zonder lidwoord met lidwoord
  supérieur     le supérieur     supérieurs     les supérieurs  

Zelfstandig naamwoord

supérieur m

  1.  superieur zn ,  hogergeplaatste zn 
  2. (religie) overste van een klooster