suikertang

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

suikertang
Uitspraak
Woordafbreking
  • sui·ker·tang
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord suikertang suikertangen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

suikertang v/m [1]

  1. (huishouden) tang waarmee men suikerklontjes kan pakken
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

77 % van de Nederlanders;
82 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen