stuitend

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • stui·tend
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen stuitend stuitender stuitendst
verbogen stuitende stuitendere stuitendste
partitief stuitends stuitenders -

Bijvoeglijk naamwoord

stuitend

  1. moreel verwerpelijk of aanstootgevend
    • De excuses die senator Barton uitsprak jegens BP werden door veel Amerikanen stuitend gevonden. 

Werkwoord

vervoeging van
stuiten

stuitend

  1. onvoltooid deelwoord van stuiten

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.