stralend

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

vrouw met stralend licht gekroond
Uitspraak
Woordafbreking
  • stra·lend

Werkwoord

vervoeging van
stralen

stralend

  1. onvoltooid deelwoord van stralen
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen stralend stralender stralendst
verbogen stralende stralendere stralendste
partitief stralends stralenders -

Bijvoeglijk naamwoord

stralend

  1. straling (zoals bijvoorbeeld zichtbaar licht) afgevend
    Met kernenergie gaan we een stralende toekomst tegemoet, en zonder kernenergie trouwens ook.
  2. zonnig
    Het was een stralende zomerdag.
  3. blij
    Het stralende bruidje was het middelpunt van het feest.
Synoniemen
Antoniemen


Verwijzingen