straalt

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • straalt

Werkwoord

vervoeging van
stralen

straalt

  1. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van stralen
    • Jij straalt. 
  2. derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van stralen
    • Hij straalt. 
  3. verouderde gebiedende wijs meervoud van stralen
    • Straalt!