stervende

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

De stervende heeft niet lang meer te leven na de beet van de slang.
Uitspraak
Woordafbreking
  • ster·ven·de
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord stervende stervenden
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

stervende v/m

  1. iemand die aan het doodgaan is
    • - De stervende kreeg het sacrament der zieken. 
    • - De wens van de stervende was nog eenmaal een goed glas wijn te drinken. 
Verwante begrippen
Hyponiemen
Vertalingen

Werkwoord

vervoeging van: sterven
verbogen vorm: stervendee

stervende

  1. verbogen vorm van stervend, het onvoltooid deelwoord van sterven
    • De voetballer ging neer als een stervende zwaan. 

Bijvoeglijk naamwoord

stervende

  1. verbogen vorm van de stellende trap van stervend

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.