stemvee

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • stem·vee
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord stemvee -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

stemvee o [2]

  1. (politiek) (pejoratief) kiezers die in de visie van de waarnemer zich door gewetenloze politici in hun stemgedrag laten beïnvloeden
Synoniemen
Anagrammen
Vertalingen

Gangbaarheid

77 % van de Nederlanders;
49 % van de Vlamingen.

Verwijzingen