stelen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ste·len
Woordherkomst en -opbouw
  • In de betekenis van ‘heimelijk wegnemen’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1240 [1]
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
stelen
stal
gestolen
klasse 4 volledig

Werkwoord

stelen

  1. overgankelijk (juridisch) iets wegnemen van iemand en het zich wederrechtelijk toe-eigenen
    • Het bleek dat zijn mobieltje gestolen was door Ronald. 
Synoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Anagrammen
Vertalingen
Uitdrukkingen en gezegden
  • iemands hart stelen
zorgen dat iemand heel veel van je houdt
•  Ik kon me nauwelijks voorstellen dat het landschap nog mooier kon worden, maar hoe noordelijker ik kwam hoe indrukwekkender de uitzichten werden. De Northern Cascades tussen Seattle en Vancouver waren uitzonderlijk mooi, Washington had mijn hart gestolen. [2] 
•  Een gezin uit Engeland stal mijn hart toen het jongste dochtertje de hele tijd met mij wilde hoelahoepen. [3] 


Zelfstandig naamwoord

stelen mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord steel

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.[4]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. "stelen" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
  2. Tim Voors: Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada, 2018
  3. Tim Voors: Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada, 2018
  4. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be