stadshart

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

bouw van het stadshart van Almere
Uitspraak
Woordafbreking
  • stads·hart
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord stadshart stadsharten
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

stadshart o

  1. centrum van de stad met veel winkels en uitgaansgelegenheden
    • PvdA-fractievoorzitter Fred Rijkens deed de suggestie om 'als stok achter de deur' reclamebelasting voor centrumondernemers in te voeren om geld op tafel te krijgen die het stadshart aantrekkelijker kunnen maken. Maar daar voelt Meulenkamp niets voor. [1] 
    • Het doel is om de stad duurzamer te maken. Het stadshart moet zoveel mogelijk autovrij gemaakt worden en geparkeerde auto's moeten verdwijnen langs de grachten. In 2025, wanneer de stad 750 jaar bestaat, moeten er 7000 tot 10.000 minder parkeerplaatsen zijn. [2] 
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

96 % van de Nederlanders;
87 % van de Vlamingen.[3]

Meer informatie

Verwijzingen