stadsdeel

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • stads·deel
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord stadsdeel stadsdelen
verkleinwoord stadsdeeltje stadsdeeltjes

Zelfstandig naamwoord

stadsdeel o

  1. is een geografisch onderdeel van een bestuurlijke eenheid (bijvoorbeeld een gemeente) die een stad omvat. Een stadsdeel is meestal weer onderverdeeld in wijken of buurten
    • Almere heeft zes stadsdelen, die op hun beurt weer onderverdeeld zijn in wijken. 

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[1]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be