stadscentrum

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • stads·cen·trum
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord stadscentrum stadscentra
verkleinwoord stadscentrumpje stadscentrumpjes

Zelfstandig naamwoord

stadscentrum o

  1. het middelste gedeelte van een stad
    De grootste kerk, het stadhuis en de grootste winkels zijn te vinden in het stadscentrum.
Synoniemen
  1. binnenstad

Meer informatie