Naar inhoud springen

stadhuis

Uit WikiWoordenboek
  • stad·huis
enkelvoud meervoud
naamwoord stadhuis stadhuizen
verkleinwoord stadhuisje stadhuisjes

hetstadhuiso

  1. een gebouw waar de stadsdiensten gehuisvest zijn
    • Veel mensen trouwen in het stadhuis. 
     'Handelslieden bij wie je inkopen doet, kunnen die brieven op het stadhuis inwisselen.[1]
     Zoals je weet, vond Frans uiteindelijk zijn roeping in het stadhuis, maar de muren van Amsterdam hebben Brandt nooit kunnen vasthouden.[1]
     'Maar mannen die écht barbaars zijn, worden naar de martelkamer onder in het stadhuis gestuurd, naast de schatkamers van Amsterdam.[1]
98 %van de Nederlanders;
100 %van de Vlamingen.[2]
  1. 1 2 3
    Jessie Burton vert. Mieke Trouw-Luyckx
    “Het huis aan de gouden bocht” (2014), Luitingh-Sijthoff op Wikipedia, ISBN 9789021809526
  2. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be