sprenkel

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • spren·kel
Woordherkomst en -opbouw
  • [A] afgeleid van sprank met het achtervoegsel -el, in de betekenis van ‘spat’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1477 [1] [2] [3]
  • [B] afgeleid van spring [4] [5] [6]
enkelvoud meervoud
naamwoord sprenkel sprenkels
verkleinwoord sprenkeltje sprenkeltjes

Zelfstandig naamwoord

[A] sprenkel v / m

  1. druppel die ergens op valt
     Maak er appelmoes bij en een witloofsla met muizenoren (veldsla), noten en een sprenkel porto (plus olie en azijn).[7]
  2. (kookkunst) kleine hoeveelheid die ergens op gestrooid wordt
     Voeg een eetlepel avocado-olie en de geroosterde sesamolie, de uien en een sprenkel zout toe en bak ongeveer drie minuten of tot de uien zacht zijn.[8]
  3. (verouderd) heel klein gloeiend brokje
     Het open vuur kraakte, soms uitspattend in een sprenkel over den vloer; de vlammen laaiden lustig op, (…)[9]
Synoniemen
Afgeleide begrippen

Werkwoord

vervoeging van
sprenkelen

[A] sprenkel

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van sprenkelen
    • Ik sprenkel. 
  2. gebiedende wijs van sprenkelen
    • Sprenkel! 
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van sprenkelen
    • Sprenkel je? 
enkelvoud meervoud
naamwoord sprenkel sprenkels
verkleinwoord sprenkeltje sprenkeltjes

Zelfstandig naamwoord

[B] sprenkel m

  1. (jachttaal) door een gespannen veer dichtklappende klem om dieren mee te vangen
     Nee, het woord klem, klemmetje kenden we niet. Wel had je een rattenklem, of een sprenkel.[10]
  2. (scheepvaart) opstaande steun waarover het touw wordt geleid waarmee de mast wordt opgezet of gestreken
     Zelf had ik een sprenkel gemaakt omdat wij altijd de mast moesten strijken en ik dit in mijn eentje wilde kunnen doen.[11]
  3. (molenaarsambacht) opstaande steun midden op een voeghout die bovenaan weer verbonden is met de beide uiteinden van het voeghout door ijzeren staven die strakker kunnen worden gespannen en zo het doorbuigen van het voeghout voorkomen
    Zie: Kap (bovenkruier op Wikipedia (nl).
  4. (valkerij) verplaatsbare zitplaats voor een roofvogel in de vorm van een boog
     In de natuur zitten roofvogels op platte vlakke (bijvoorbeeld rotsen) en in bomen. Daarom kiest de valkenier volgens het soort vogel of hij hem op een blok (plat vlak) of een sprenkel. (imitatie van een tak) zal zetten.[12]
  5. verticale staaf als onderdeel van een constructie
      Daar bevond zich zelfs niet eens een gat in de zwart-verkoolde planken van den zolder en de rook moest maar een uitweg zoeken door spleten en kieren, waar aan den achtergevel ook ruimschoots gelegenheid toe was, daar de van sprenkel en leem gebouwde wanden menige barst vertoonden.[13]
Synoniemen

Gangbaarheid

85 % van de Nederlanders;
82 % van de Vlamingen.[14]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. sprenkel op website: Etymologiebank.nl
  3. "sprenkel" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
  4. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  5. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  6. sprenkel op website: Etymologiebank.nl
  7. Bronlink geraadpleegd op 3 december 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie Nick Trachet “Culinair ontdekt: Antonius” (24 januari 2020) op foodlog.nl
  8. Bronlink geraadpleegd op 3 december 2020 Weblink bron Joop Soesan “Een nieuw koosjer recept : Roerbak kip met groenten” (30 januari 2020) op joods.nl
  9. Bronlink geraadpleegd op 3 december 2020 Weblink bron Virginie Loveling op Wikipedia Erfelijk belast. in: De Gids., jrg. 69 deel 3 nr. 9 (september 1905), P.N. van Kampen & zoon, Amsterdam, p. 398
  10. Bronlink geraadpleegd op 3 december 2020 Weblink bron Theo Backer Slippies, goppies en andere Tesselse verkleinwoordjes (1 april 2010) in: Uitgave Historische Vereniging Texel, 94 jrg. 24 nr. 2, Historische Vereniging Texel, Den Burg, p. 10 kol. 2
  11. Bronlink geraadpleegd op 3 december 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie Erwin van Leeuwerden “De houten grundel 'Zeehond'” op ssrp.nl
  12. Bronlink geraadpleegd op 3 december 2020 Weblink bron Hagelandse Roofvogel Vereniging “Valkerij van A tot Z” op ulehofke.nl
  13. Bronlink geraadpleegd op 3 december 2020 Weblink bron J. Eigenhuis Aan den Berkel. in: Elsevier's Geïllustreerd Maandschrift., deel 24 jrg. 12 nr. 9 (september 1902), Elsevier, Amsterdam, p. 171
  14. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be