sportvis

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • sport·vis
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord sportvis sportvissen
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

sportvis m

  1. soorten vis die men graag probeert te vangen als hobby
    • Blauwbaars was de ultieme sportvis. Een uitmuntende vechter, die eveneens als een delicatesse gold.  [1]

Gangbaarheid

Verwijzingen