sponden

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • spon·den

Zelfstandig naamwoord

sponden mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord sponde

Gangbaarheid

59 % van de Nederlanders;
68 % van de Vlamingen.