spoliatie

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • spo·li·a·tie
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord spoliatie spoliaties
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

spoliatie v

  1. roof, plundering
  2. (juridisch) het te kwader trouw onttrekken van goederen

Gangbaarheid

10 % van de Nederlanders;
20 % van de Vlamingen.

Verwijzingen

Meer informatie