spiller

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Deens

Woordafbreking
  • spil·ler
Naar frequentie 504

Werkwoord

spiller

  1. tegenwoordige tijd van spille

Zelfstandig naamwoord

spiller, mv

  1. onbepaalde vorm nominatief meervoud van spille


Noors

Woordafbreking
  • spil·ler
Naar frequentie 428

Werkwoord

spiller

  1. tegenwoordige tijd van spille


Nynorsk

Woordafbreking
  • spil·ler

Werkwoord

spiller

  1. tegenwoordige tijd van spille