speelkwartier

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • speel·kwar·tier
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord speelkwartier speelkwartieren
verkleinwoord speelkwartiertje speelkwartiertjes

Zelfstandig naamwoord

speelkwartier o

  1. een korte periode tijdens hetwelk gespeeld mag worden
    • "In het speelkwartier mogen de kinderen het plein niet af." [1]

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Raad voor Maatschappelijke Ontwikkeling (2001). Aansprekend opvoeden, p. 12. Uitg.: RMO, ISBN 9789012093194.