sparden

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • spar·den

Werkwoord

vervoeging van
sparren

sparden

  1. meervoud verleden tijd van sparren
    • Wij sparden. 
    • Jullie sparden. 
    • Zij sparden.