sowieso

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • so·wie·so
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Duits, in de betekenis van ‘bijwoord van modaliteit: in elk geval’ voor het eerst aangetroffen in 1968 [1]
  • Leenwoord uit het Duits.

Bijwoord

sowieso

  1. hoe dan ook
     Mijn uiteindelijke streefdoel is vijfentwintig, meer is sowieso uitgesloten, vanwege mijn lage rehabilitatiecoëfficiënt, die sinds m'n ongeval is blijven steken op 13,6 procent en die volgens diverse artsen alleen maar kan dalen, laat staan dat die ooit ooit zou stijgen.[2]
     Wat zeg ik, schilderkunst is sowieso op haar retour. Videokunst of computer—art heeft de toekomst.[3]
     Ze noemt dat zo: platliggen, wat ik vreemd vind, want liggen, dat is sowieso plat, dus.[4]
  2. daadwerkelijk
     Een enorme vermoeidheid verlamt haar wil, haar lichaam en haar vermogen om plannen te maken en besluiten te nemen. Niet dat het iets uitmaakt, de dingen op hun beloop laten is ook een vorm van beslissen. Ze weet alleen niet of ze daar uiteindelijk mee geholpen is. Sowieso heeft ze geen idee wat er allemaal gebeurt en of er nog een uitweg is.[5]
     Artistiek konden we er niet meer achter staan, achter Bas, en Karel heeft 't toen voor een grotere bezetting gearrangeerd, met twéé tuba's, en toen is het dus uitgekomen op Discro als Betty Houdt Van Hete Bliksem. Maar daar zaten dus nog hele stukken van de eerste versie in. Aan de melodie is sowieso niets veranderd, omdat die gewoon erg goed was weet je wel, die melodie.[6]
     Het is ons overigens verboden om spelletjes op de iPad te installeren. Wij hebben daarvoor onze handtekening onder een contract moeten zetten. Dit vind ik zeer terecht. Spelletjes spelen op zo'n veegding is sowieso voor warhoofden, maar als het apparaat van de baas is, is het ronduit schandelijk.[7]
     En bovendien heb jij makkelijk praten; ben jij sowieso wel een meter veertig?' 'Ik ben wel een meter tweeënzestig', antwoordde ik.[8]
Synoniemen

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders;
96 % van de Vlamingen.[9]

Verwijzingen

  1. "sowieso" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
  2. Bronlink Weblink bron Herman Brusselmans op Wikipedia “Heilige schrik” (2011), Prometheus op Wikipedia, ISBN 9789044619515, p. 257
  3. Bronlink Weblink bron Anita Terpstra “Dierbaar” (2011), De Bezige Bij op Wikipedia, ISBN 9789023465058, p. 163
  4. Bronlink Weblink bron Griet Op de Beeck op Wikipedia “Kom hier dat ik u kus” (2014), Prometheus op Wikipedia, ISBN 9789044627282, p. 54
  5. Bronlink Weblink bron Simone van der Vlugt op Wikipedia “Aan niemand vertellen” (2012), Ambo/Anthos, ISBN 9789041423474, p. 90
  6. Bronlink Weblink bron Kees van Kooten op Wikipedia “Alle treitertrends” (2013), De Bezige Bij op Wikipedia, ISBN 9789023479888, p. 167
  7. Bronlink Weblink bron Gerwin van der Werf op Wikipedia “Schooldagen: een jaar in het leven van een muziekdocent” (2014), Atlas Contact op Wikipedia, ISBN 9789045027326, p. 77
  8. Bronlink Weblink bron Emily Henry “Stranddagboek - Google Books Result” (2020), Overamstel Uitgevers, ISBN 9789044355819, p. 87
  9. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be


Duits

Uitspraak
Woordafbreking
  • so·wie·so
Woordherkomst en -opbouw

Bijwoord

sowieso

  1. hoe dan ook, in elk geval, sowieso