soortement

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • soor·te·ment
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord soortement soortementen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

soortement o

  1. wat ergens op lijkt
    • Verleden jaar was dat ook het geval, het geeft meteen een soortement van wat je met een imposant woord `verzustering' zou kunnen noemen tussen verschillende categorieën. (...) we hebben trouwens OOK MISSCHIEN WEL WERKELOZEN! [4] 
    • Op een vooravond eind november legde hij de laatste hand aan zijn artikel over GG Allin. Misschien was deze tekst, die bestond uit verschillende hoofdstukken, waaronder een levensbeschrijving (`vita'), een soortement antwoord op Moulin rouge, dat hij terzijde had gelegd, grotendeels ongelezen. [5] 
    • ‘Nog drie minuten, makker!’ Onze Braziliaanse chauffeur heeft er lol in dat hij Maarten Goffin naar zijn biologische moeder voert, de vrouw die hem 34 jaar geleden afstond voor adoptie. Voor Maarten is het bittere ernst. ‘Alsof ik in een soortement Blind date-show ben beland. Wat doe ik mezelf toch aan?’ [6] 
    • Het regiodrama 'Van jonge leu en oale groond' heeft toch een soortement vervolg. 'En Dan Nog Even Dit' (EDNED) op TV Oost brengt elk weekend de parodie 'Van domme leu en koale groond'. De eerste afleveringen leidden tot positieve reacties op internet. [7] 
Synoniemen

Gangbaarheid

68 % van de Nederlanders;
47 % van de Vlamingen.[8]

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  3. soortement op website: Etymologiebank.nl
  4. Withuis, Jolande Juliana [2016] ISBN 978-90-234-3523-5 pagina 131
  5. Valens, Anton Het boek ont [2012] ISBN 978-90-457-0473-9 pagina 317
  6. de Standaard 9 september 2017
  7. Tubantia 18 september 2009,
  8. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be