soliste

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • so·lis·te
Woordherkomst en -opbouw
  • Afgeleid van solist met het achtervoegsel -e
enkelvoud meervoud
naamwoord soliste solistes
solisten
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

soliste v

  1. vrouwelijk persoon die in haar eentje een opvoering geeft in een deel of gedurende de gehele opvoering
Verwante begrippen

Gangbaarheid

95 % van de Nederlanders;
95 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be


Spaans

Werkwoord

vervoeging van
soler

soliste

  1. tweede persoon enkelvoud verleden tijd (pretérito indefinido) van soler