soesde

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • soes·de

Werkwoord

vervoeging van
soezen

soesde

  1. enkelvoud verleden tijd van soezen
    • Ik soesde. 
    • Jij soesde. 
    • Hij, zij, het soesde.