sneu

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • sneu
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen sneu sneuer sneust
verbogen sneue sneuere sneuste
partitief sneus sneuers -

Bijvoeglijk naamwoord

sneu

  1. meelijwekkend, bedroevend, zielig, jammerlijk
    Rond hem hangt de geur van mislukking. En wat hij ook probeert, van dat sneue imago komt hij niet af.[1]
    Wat een sneue bedoeling.

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.
Verwijzingen
  1. Trouw, 06/10/11