sneeuwuil

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Bubo scandiacus
Woordafbreking
  • sneeuw·uil
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord sneeuwuil sneeuwuilen
verkleinwoord sneeuwuiltje sneeuwuiltjes

Zelfstandig naamwoord

sneeuwuil m

  1. (vogels) Bubo scandiacus op Wikispecies; een witte toendra-uil
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.

Meer informatie