smeken

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • sme·ken
Woordherkomst en -opbouw
  • In de betekenis van ‘nederig verzoeken’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1240 [1] [2]
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
smeken
smeekte
gesmeekt
zwak -t volledig

Werkwoord

smeken [3]

  1. inergatief nederig om een gunst verzoeken
    • Hij smeekte om vermindering van zijn zware straf. 
     Daar ligt weliswaar weer wat asfalt, maar het is een onvervalste muur: 24 procent. Het is hier dat la belle fille op haar fiets om hulp van boven smeekt.[4]
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen