slobbertrui

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

vrouwen in slobbertruien
Uitspraak
Woordafbreking
  • slob·ber·trui
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord slobbertrui slobbertruien
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

slobbertrui v/m [1]

  1. een heel trui die eigenlijk te groot is maar wel heel makkelijk zit
    • Hoewel, hij heeft wel eens een opmerking gekregen over zijn totaal versleten spijkerbroek, zijn slobbertrui en afgedragen gympen. Daarna kwam hij helemaal in het nieuw binnenstappen. Een kunstgebit, en strak in het pak, leren schoenen eronder. Hij was heel bereidwillig. [2] 
    • Degol spreekt uit eigen ervaring. “Ik heb op televisie heel lang alleen maar werk achter de schermen gedaan. Ik kwam dus meestal in een slobbertrui en op sneakers opdagen. Op een gegeven moment heb ik beslist dat ik meer wilde. Wel, zoiets heb ik alleen maar kunnen bereiken, omdat ik toen beslist heb om mij te gaan ‘verkleden’ als Lien Degol.” [3] 

Gangbaarheid

96 % van de Nederlanders;
95 % van de Vlamingen.

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. Majeau, Olga Een schitterend isolement [2015] ISBN 978-90-214-5780-2 pagina 298
  3. de Standaard 03/november/2016 door (fp)