slip-over

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • slip-over
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord slip-over slip-overs
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

slip-over m

  1. (kleding) trui zonder kraag en zonder mouwen

Gangbaarheid

74 % van de Nederlanders;
65 % van de Vlamingen.